Afsluitende opmerkingen over het Derde Rijk

Uit Paraplu
Ga naar:navigatie, zoeken

Die Welt als Wille ohne Vorstellung

- onbekende bron uit 1923 over de NAZI’s

Wewelsburg 015.jpg
Bord in het museum van Wewelsburg, op het bijschrift staat:
>> “Memorialteller” - wahrscheinlich nach 1945 entstanden <<



Het verhaal van het Derde Rijk is als een fractal, er kan eindeloos worden ingezoomd en nog steeds detail worden onderscheiden. Het verhaal van 54 miljoen slachtoffers en de daarbij betrokkenen; van de casual victims tot de slachtoffers van doelgerichte vervolging, het verhaal van daders tot slachtoffers laat zich niet bevatten. Ook wie daar een heel leven mee zou willen vullen, kan nog maar een fractie kennen. Het is snel in te zien dat het begrip abstract moet zijn. Het verhaal van een individuele ervaring kan en moet daarbij dienen ter verduidelijking en illustratie van het grote verhaal. Dat voelt ontoereikend, maar lijkt iets dat we moeten accepteren zoals we de zwaartekracht moeten accepteren.

Het is opmerkelijk hoeveel er is geschreven over het Nationaal Socialistische regime, en hoe weinig we er over weten. Dankzij het opengaan van de archieven in het Oostblok, maar ook in Engeland en de USA, en het bereiken van de leeftijd om te praten voor velen die het meegemaakt hebben, is er de laatste jaren wel een belangrijke stap gemaakt. Een goed voorbeeld is het in 2005 verschenen boek van Laurence Rees over Auschwitz. En er zijn nog steeds mensen die hun verhaal vertellen en alle archieven zijn nog niet open, dus er komt nog meer. Alhoewel we dus steeds beter weten hoe dingen zijn gegaan, blijft het verbazend hoeveel we nooit zullen weten. Zo is pas vanaf veertig jaar na het einde van het Derde Rijk en vaak met grote tegenzin, onderzoek gedaan naar de geschiedenis en betrokkenheid van de grote bedrijven. Te vaak is niet met zekerheid bekend wanneer dingen precies gebeurd zijn en zelden zijn de beslissingen en mechanismen bekend die tot de gebeurtenissen hebben geleid. Veel van wat populaire kennis is, bestaat uit heel simpele opvattingen die vooral iets zeggen over de ideologie van de cultuur die het antwoord geeft. Dat er maar zo weinig zicht kan worden gekregen op iets wat zo massaal en zo dicht bij in ruimte en tijd is gebeurd, geeft te denken over alle geschiedschrijving.

Gelukkig bestaat er onderhand een hoeveelheid goed onderbouwde boeken die delen van het verhaal genuanceerd vertellen. Dat geeft al een goed begin bij de poging om er iets van te maken. Maar het valt niet mee om alle informatie tot een bevattelijk, zinvol en behoorlijk waarheidsgetrouw beeld te reduceren. En het is duidelijk dat er nog steeds geen duidelijke consensus bestaat over de aard en de achtergronden van het Derde Rijk. Hoe zit het met de verhouding tussen burgers en regime, wat was de rol van de man met de snor, hoe is de ideologie ontstaan en hoe heeft deze zich ontwikkeld? De eigen opvattingen en motieven maken al snel dat het zicht belemmerd wordt. Uit de moderne onderzoeken komt wel een steeds duidelijker beeld naar voren van een enthousiaste Duitse bevolking die zeker van 1933 tot 1939 graag het wonder van de groeiende consumptie economie meemaakte. Iets waar wij nu nog onze ethische opvattingen graag voor aan de kant zetten.

Duidelijk is dat de Nazi’s een effectieve mix van leiderschap, propaganda en ideologie hadden gevonden. Een in de tijdgeest passende ideologie die bestond uit weinig samenhangende, niet-rationele en niet-wetenschappelijk onderbouwde ideeën die samen vooral aan een bepaalde esthetiek beantwoorden. De basis van wat de Ariosofie wordt genoemd, bestond vooral uit een verzonnen geschiedenis waarbij veel verklaard werd vanuit een niet-rationeel onderbouwde rassenleer. Ondanks of juist dankzij deze wankele basis van vage en bewegende ideologie was men prima in staat om grote delen van de samenleving in een toestand te brengen die deed voelen dat er iets nieuws ging gebeuren. De Duitse bevolking was zeker tot 1939 zeer enthousiast. Voor velen heeft dat een niet uit te wissen positieve associatie meegebracht, die ook nu nog steeds mensen in de ban weet te brengen. Voor wie de schaduwzijde van het regime niet heeft meegemaakt, kan het moeilijk zijn om de balans op te maken.

Mensen die de enthousiaste tijd meegemaakt hebben, hebben over het algemeen wel kunnen inzien dat het te ver was gegaan, maar niet dat het fundamenteel fout was. Het uiterlijke vertoon van het Derde Rijk heeft voor sommigen een zekere aantrekkingskracht behouden. Het lijkt toch niet voor iedereen even duidelijk dat het Derde Rijk niet stabiel was, dat het was gebouwd op een wankel, agressief en megalomaan denkmodel. Dat de zogenaamde resultaten maar voor een gering deel echt waren, dat ze niet langdurig konden bestaan. Het regime bouwde niet voor niets op de gedachte aan inkomsten uit roof. De gebieden uit het oosten zouden de Duitsers gaan voeden, ingecalculeerd was het sterven van 30 miljoen Russen. Materieel gewin was ook een belangrijk aandachtspunt bij de Jodenvervolging. De dood van 6 miljoen Joden was niet eens het oorspronkelijke doel. Oorspronkelijk was het voldoende als alle Joden Duitsland beroofd hadden verlaten. De voor 11 miljoen Europese Joden geplande Endlösung is het resultaat van de continue verschuiving en verenging van politiek in het Derde Rijk. Dat is juist een les, hoe gevaarlijk een opportunistische politiek is, politiek zonder duidelijke grenzen, zonder echte richting, vooral gericht op het bezitten en behouden van de macht. Het is dan ook bedenkelijk dat onze politieke partijen steeds meer over incidenten, issues, communiceren en niet over grondbeginselen en richting. Vaag geroep over normen en waarden, maar ondertussen steevast voor het geld kiezen helpt daarbij niet.

Op sociaal-economisch vlak waren de Nazi’s gericht op een maximalisering van consumptie door brede lagen van de eigen Arische bevolking. De belangen van anderen werden daaraan nadrukkelijk ondergeschikt gemaakt. Bij de verovering van landen en bij de vervolging van de Joden was het maken van buit een belangrijk aspect. Het was een op het welbevinden van de arbeidersklasse gerichte cultuur met een autoritair centraal gezag. Van afstand bezien is het verschil niet groot gebleken met wat uiteindelijk de communistische praktijk was. Wel is duidelijk dat het enthousiasme voor de Nazi’s onder de Duitse bevolking veel groter was, dan het enthousiasme voor het communisme ooit is geweest. De economische aanpak lijkt niet zo revolutionair; maak een heleboel staatsschuld en geef cadeaus tot het vastloopt. Begin dan een oorlog en de bevolking blijft er toch achter staan. Als de Reichsparteitag des Friedens in 1939 was doorgegaan, was dat een groot politiek risico voor het regime geworden. Het niet doorgaan van de Reichsparteitag des Friedens in 1939 markeert een keerpunt in het Derde Rijk. Het lijkt er op dat het op dat moment beginnen van de oorlog voor het regime een vlucht vooruit is geweest. Vanaf 1 september 1939 is alles anders geworden, de hele Nazi cultuur is tot stilstand gekomen. Er werd niet meer gebouwd, PRORA is nooit voor vakanties in gebruik genomen, de opleidingen op de Ordensburgen werden gestaakt. Kan het de oorspronkelijke bedoeling van het regime zijn geweest om zoveel energie in dat alles te stoppen en het dan plotseling op te geven?


Het begin van de oorlog

Waarom Hitler op dat moment tegen advies van de legertop aan de oorlog is begonnen, is officieel een open vraag. En het is een intrigerende vraag. Er moet iets niet volgens plan zijn gegaan, dat lijkt duidelijk. Vanaf 1 september 1939, het begin van de oorlog, was het afgelopen met Reichsparteitage en KdF projecten zoals PRORA. Het economische beleid was eind 1939 vast gelopen, de breed uitgemeten KdF projecten bleken een Fata Morgana. Met het spaargeld dat meer dan 300.000 mensen hadden ingelegd voor de KdF wagen (later Kever genoemd) werden militaire voertuigen gebouwd. Tot 1945 was in totaal 286 miljoen ReichsMark bij de Bank der Deutschen Arbeit als aanbetaling voor een auto ingelegd. In 1961 konden de spaarkaarten van eindwaarde 999,- RM na rechtszaken toch nog verzilverd worden voor 600,- DM, een zesde deel van de prijs van een Kever op dat moment. Op 1 september 1939 waren er maar een handvol KdF wagens gebouwd, waarvan geen enkele is afgeleverd aan spaarders. In totaal zijn ongeveer 700 stuks voor hoge partijfunctionarissen geproduceerd. Het publiek kreeg niet veel meer te zien dan showmodellen en de zwarte cabriolet KdF wagen die Hitler had gekregen op zijn vijftigste geboortedag in 1938. Tijdens de oorlog werd de auto wel succesvol voor militair gebruik ingezet, er zijn ongeveer 65.000 stuks Type 81 Kübelwagen en amfibie ‘Schwimmwagen’ gemaakt. Maar de spaarders waren in 1939 terecht ontevreden, hun geld was niet voor het maken van auto’s gebruikt.

Er heeft nooit een toerist geslapen in het grote propaganda “KdF seebad PRORA”. Ook andere beloftes werden niet ingewilligd, het eind was al in zicht. In 1939 begon daarover al ontevredenheid te ontstaan. Het is aannemelijk dat de Nazi top heeft ingeschat dat er een groot risico was dat er onrust zou ontstaan op de Reichsparteitag des Friedens. De enige redding was om vooruit te vluchten en een oorlog te beginnen. Die vlucht lijkt tot ongeveer 1942 te hebben geholpen, met de in de bezette gebieden geroofde goederen kon de Duitse consumptiebehoefte tot dan toe nog worden bevredigd. Het Duitse volk is ondanks alles tot aan de laatste dag achter de gids en zijn kameraden blijven staan, en dat is met de ‘bevrijding’ niet plotseling helemaal opgehouden. Denk aan het bord dat in Wewelsburg hangt en dat volgens bijschrift ‘waarschijnlijk na 1945 is gemaakt’ met de tekst; “Wenn alle untreu werden, so bleiben wir doch treu”...

Het mechanisme van de oorlogsreflex is oud en werkt nog. George W. Bush had totaal landelijk gezien minder dan 50 % van de stemmen toen hij de macht heeft gegrepen, dat wordt niet betwijfeld. Toen begon hij een oorlog. Dat blijkt altijd weer uitstekend te werken, hij kon opeens rekenen op een grote toename van de steun. In plaats van dat een president in populariteit daalt, omdat hij een niet door de internationale gemeenschap gesteunde oorlog begint, terwijl de macht al op zo’n wankele basis is verkregen, laten de mensen het eigen land in tijden van oorlog niet in de steek. Zelfs de bondgenoten tonen trouw aan hun beloftes en ook Nederland is mee gaan vechten in die oorlog. Dit sentiment wordt kennelijk door veel mensen als mooi ervaren. De morele en rationele validiteit van het “achter het land moeten staan”, terwijl er een duidelijk foute oorlog is begonnen ontgaat mij. Maar de esthetische waarde die er cultureel aan is verbonden is natuurlijk wel duidelijk. Zet de TV maar aan en kijk naar de eerste de beste oorlogsfilm. Sterben fur Deutschland, was vanaf de eerste Nazi propaganda films een belangrijk en aansprekend thema.

Laten we overigens blij zijn dat het regime om welke reden dan ook overhaast aan die oorlog is begonnen, want als het advies van de militairen was opgevolgd en er was gewacht tot de oorlogsmachinerie op volle kracht was, dan was het misschien wel heel anders gelopen. De Russen hebben maar net bij Stalingrad gewonnen en een verslagen Rusland had de kansen om het Derde Rijk te verslaan sterk verminderd, of zeer waarschijnlijk onmogelijk gemaakt.


Nog denken veel mensen dat het er eigenlijk wel goed ging - ‘Das mit den Juden hätte nicht passieren dürfen, aber sonst…’

Als we benzine tanken tijdens het bezoek aan Vogelsang ligt er een stapel van het blad de Stern met op de voorkant levensgroot de stelling dat de meeste Duitsers denken dat het Derde Rijk zo zijn goede kanten had. En het blad zegt daar ontsteld over te zijn. Hoe zit dat met die aanhoudende populariteit. Wat kan er eventueel van worden geleerd door het eens te bezien als iets wat redenen kan hebben in plaats van als iets wat snel volledig moeten worden veroordeeld?


Inspirerend leiderschap en effectieve communicatie

Er was sprake van een effectieve spirit building. Als Hitler, Goebbels en Rosenberg een reclamebureau waren begonnen hadden ze “Saatchi & Saatchi, the lovemarks company” in de schaduw gezet. Volgens Saatch & Saatchi staat “lovemark” immers voor “a product, service or entity that inspires loyalty beyond reason”. En dat is gelukt, uitstekende verkopers dus, maar dan wel van nare producten. Nu zal iedere rasverkoper zeggen, dat dat nou juist de kunst is. De Nazi’s wisten ook heel goed hoe ze een gevoel van urgentie moesten creëren. Dus het oordeel is: als verkopers geslaagd, angstaanjagend goed geslaagd. De volgende vraag is of politiek wel zo moet worden verkocht, maar dat geldt niet alleen voor het fascisme. Belangrijke stukken propaganda werken nog steeds door. En dat is raar maar waar. Een absoluut onverdachte oude Duitser zit naast me op een feest en zegt in een goed gesprek plotseling: “Aber es gab doch auch immer mehr Deutsche”. Wat valt daar op te zeggen? Een Hollander kan er dan gelukkig op wijzen dat er bij ons toch nog veel meer konijnen in het hok zitten. Maar toch, ik weet dat hij het echt niet slecht heeft bedoeld en hij zou als er op in wordt gegaan best wel zien wat er net eigenlijk gezegd is. Het heeft geen zin de sfeer te bederven, we gaan vrolijk verder. Maar ik ben het ook nooit vergeten. De kracht van propaganda is; een gestage druppel holt de hardste steen.


De propaganda rondom de Autobahn werkt ook nog steeds. Maar de Autobahn was geen idee van de Nazi’s, de eerste Autobahn was er al in de twintiger jaren. Daarbij heeftv de aanleg van de Autobahn heeft vrijwel geen invloed gehad op de werkeloosheid, ook al werden werkeloosheid statistieken graag afgebeeld op een foto van werk aan de Autobahn. Het had ook geen primair militair doel, dan waren de wegen wel vooral Oost-West aangelegd. - Zie: Mythos Reichsautobahn - Erhard Schütz, Eckhard Gruber.


De boodschap voor de “ewig Gestrigen” is: Het zal nooit meer worden zoals het nooit geweest is.


Sociale mobiliteit, kansen

Er was in Duitsland onder de Nazi’s in de dertiger jaren even sprake van een grote sociale mobiliteit, veel mensen zagen nieuwe kansen. De samenleving werd omgeploegd en er waren kansen voor iedereen die lid van de partij wilde worden. Voor wie geen lid van de partij was, ging de snelle sociale mobiliteit precies de ander kant op. En dat is ook meteen een bron voor de ondergang geweest. De korporaal die voor generaal ging spelen en alles verloor is een typerend beeld. De onderwijsinstellingen, en ook de posities in bedrijfsleven en staatsorganen liepen vol met incompetente lompe lieden. De kwaliteit van wat er bijvoorbeeld op Ordensburg Vogelsang gebeurde werd bepaald door de extreem lage intellectuele eisen die aan de leerlingen werden gesteld om er te komen. Maar het zorgde wel voor een buzz, er gebeurde wat. Veel samenlevingen lopen vast doordat de bestaande belangen en sociale structuren zich steeds harder maken, net zoals planten verhouten. Het grote succes van Amerika komt voor een belangrijk deel voort uit het breed beleefde image van de relatief grote sociale mobiliteit. Van krantenjongen tot miljonair is een kreet die bij iedereen iets teweeg brengt. Het is duidelijk dat de droom heel wat mooier is dan de werkelijkheid, maar het is een motiverende droom.


Geborgenheid en Vertrouwen

De mensen voelden zich geborgen, ze hoorden ergens bij. Iedereen was lid van diverse organisaties, er waren heel veel posities waaraan mensen gemakkelijk een identiteit konden ontlenen. Men voelde zich zo geborgen dat het mogelijk werd om collectief de grootste misdaden te begaan en daar ook achteraf nog gezamenlijk een weg mee te vinden. Men voelde zich zo veilig dat er niet zelden foto’s van de eigen misdaden zijn gemaakt of dat er over is geschreven. Het is zonder meer een formidabele management prestatie van de Nazi partij dat het zo’n vertrouwen in de onderneming heeft weten te wekken. De gids en zijn kameraden zouden nu in aanmerking komen voor de hoge bonussen. De Nazi’s hebben als geen ander misbruik weten te maken van de kracht van vertrouwen. Maar de financiële crisis van 2007 gaat over niets anders. Als het over de zwarte magie van de Nazi’s gaat, dan zou ik dit daar onder willen vatten. De kennis en noodzakelijke ervaring om het vertrouwen van de mensen zo perfect te manipuleren ontstaat niet zomaar even, maar er is ook niets bovennatuurlijks bij.


Unsere Ehre heisst Treue, als dat geen mooie lijfspreuk is. Wie zou mensen met zo’n mooi motto niet vertrouwen? Als dat geen Normen en Waarden zijn, wat dan wel? De lijfspreuk van de SS spreekt de meeste mensen wel aan. Denk aan het bord in de Wewelsburg dat ‘waarschijnlijk na 1945 is gemaakt’ met de tekst van de eerste regels van het SS Treuelied; Wenn alle untreu werden, so bleiben wir doch treu. Toen de vriendin van Hitler en fanatieke Nazi Eleonore Baur, ook bekend als “Schwester Pia“, in 1981 stierf, verscheen in de “Münchner Merkur” een advertentie van de Kameradschaft Freikorps Oberland/Bund Oberland, met de spreuk “Ihre Ehre hieß Treue – Ihr Leben galt Deutschland“.


Treue statt Erfolgsfan, staat op de auto die voor ons de Obersalzberg op rijdt. Het Rijnlandse model biedt inderdaad meer geborgenheid dan het Amerikaanse opportunistische korte termijn denken. Osama Bin-Laden is een goed voorbeeld als product van Amerikaans opportunisme en ontrouw. Eerst is hij als vriend van Amerika groot gemaakt, om hem daarna vanuit korte termijn opportunisme weer te laten vallen.


In het moderne debat over de inrichting van de samenleving worden het Anglo-Amerikaanse en Rijnlandse model als echte verschillen gezien en vergeleken. In het Anglo-Amerikaanse model bestaat alleen waardering voor de korte termijn financiële waarde en worden eerlijkheid en trouw als nadelen gezien. Maar wie alleen op basis van de egoïstische korte termijn financiële waarden rekent, kan geen zinvol model bieden voor wat de mens motiveert. De invisible hand die de kapitalistische markt rationeel zou regelen bestaat niet, het is pure propaganda die ons wijsmaakt dat kapitalisme een vrije markt zou zijn. De kapitalistische markt berust op een juridisch stelsel dat noodzakelijkerwijze is verbonden aan een monopolie op het geweld. Er is duidelijk sprake van een visible hand. In de moderne superkapitalistische-democratiën worden grenzenloos opportunisme en het recht van de sterkste gezien als vrijheid en noodzakelijke voorwaarden voor sociale mobiliteit. Het is duidelijk dat de moderne superkapitalistische-democratie tracht weg te komen met het bieden van een minimale geborgenheid ter wille van de maximale vrijheid van opportunistische en lompe sterken. Maar de trouw die het Rijnlandse model kenmerkt, de geborgenheid, heeft duidelijk ook zijn enge kanten. Het bieden van maximale geborgenheid lijkt heel mooi, maar is gekoppeld aan een illusie van de volledige maakbaarheid van het leven en de samenleving. En dat leidt duidelijk tot een uiterst arrogant gedachtegoed. Een geleide samenleving en planeconomie zoals de Nazi’s en Communisten voorstonden werkt economisch duidelijk heel slecht, en levert ook maatschappelijk gezien duidelijk grote rampen op. De schijn-geborgenheid is wat de Oost Duitsers nog het meest lijken te missen aan het communisme en wat alle Duitsers het meest misten na de capitulatie 8 mei 1945.


Het vinden van een goed evenwicht tussen geborgenheid en veerkracht, vormt een uitdaging.

Geborgenheid is populair bij de grote aantallen, de kiezer. Veerkracht vooral bij rijke en machtige groeperingen. Dat maakt het tot een kern issue op sociaal economisch vlak. In werkelijkheid probeerden de Nazi’s beide partijen voor te spiegelen dat ze optimaal werden bediend. Maar het eigen doel van oorlog voeren en de ideologie realiseren, dat stond echt voorop.

Robert Ley zegt het op 6 februari 1942 duidelijk in ‘Haus Siemens’:


„Weshalb liebt der deutsche Mensch Adolf Hitler so unsagbar?

Weil er sich bei Adolf Hitler geborgen fühlt.

Das ist es, das Gefühl des Geborgenseins, das ist es. Geborgen!

Der Führer nimmt deine Sorgen und trägt sie, der Führer übernimmt seinen Schutz, beschützt ihn.

Und der Führer gibt ihm Kraft.


Economie en Consumptie

Het veronderstelde economische succes is de belangrijkste nu nog indruk makende fata morgana die het fascisme tevoorschijn heeft getoverd. De grote vooruitgang in de omstandigheden in de wereld van begin dertiger jaren naar de toestand in 1939 is een omstandigheid die veel bij heeft gedragen aan de economische vooruitgang tijdens 6 jaar Nazi bewind. De Nazi’s hebben sterk ingezet op de werkeloosheid en met grote projecten is daar ook wel iets aan gedaan. Op zich allemaal niet veel anders dan de New Deal in Amerika. Het idee dat de Nazi’s een uitzonderlijk succesvol economisch beleid hebben gevoerd, is een resultaat van de propaganda van toen. Het algemene gevoel is dat iedereen toen werk had en dat het economisch heel goed ging tot ongeveer 1939, met moeite is de illusie nog tot 1942 redelijk in stand gehouden. Opmerkelijk is dat wij als bezet land een omgekeerde ideologie hebben ontwikkeld, Wij zijn er aan gewend geraakt om te denken dat het vanaf de inval van de Duitsers kommer en kwel was. Maar uit onderzoek komt een ander beeld naar voren. Het Nederlandse volk was net zo goed als het Duitse te koop en ging ook pas protesteren toen het minder werd.


Op de site van de Noord Nederlandse Boekhandel staat de volgende samenvatting van het boek Nederland 1938-1948, Economie en samenleving in jaren van oorlog en bezetting:


Over de Tweede Wereldoorlog zijn boekenkasten volgeschreven. Des te opvallender was tot nu toe de geringe aandacht voor de economische ontwikkelingen tijdens de oorlog, hoewel het belang ervan sinds jaar en dag werd onderkend. In het boek Nederland 1938-1948 brengt Hein A.M. Klemann de economische geschiedenis van Nederland voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog in kaart. Uit deze studie blijkt hoe belangrijk dit onderwerp is voor het begrip van zowel de Jodenvervolging als de politieke verhoudingen. Het boek laat verder zien hoezeer de conjuncturele voor- en tegenspoed van invloed was op het gedrag van de Nederlandse bevolking. In de eerste jaren van de oorlog leefde de economie op; velen gingen er materieel op vooruit. De welvaart zorgde ervoor dat de Nederlanders nauwelijks tegen de Duitsers in verzet kwamen en ook de Jodenvervolging lieten passeren. Dit alles veranderde radicaal toen de Duitsers van 1942 een genadeloze exploitatiepolitiek doorvoerden, die grote schade toebracht aan de Nederlandse economie. Bron: http://www.nnbh.com/nurpage.cgi?nur=680&sort=alfa&find=9053527672#9053527672


Beloven

De dingen die door de Duitsers als goed aan het Derde Rijk werden ervaren, zijn vooral zaken die ieder mens graag wil hebben en die de Nazi’s heel effectief wisten te beloven. Mensen willen graag dat hun beloofd wordt wat ze willen hebben, dan heeft de ander de verantwoordelijkheid overgenomen. En als het mis gaat, dan kan er weer een ander worden gezocht die opnieuw het onmogelijke mag beloven in ruil voor jouw stem, jouw aandeel in de macht. Democratie is in de praktijk helaas vooral een ruil van stemmen voor de mooiste beloftes. Populisme bedreigt alle partijen. Dat is ook de belangrijkste kracht van een bedrijf zoals bijvoorbeeld Microsoft; veel beloven en daarbij veel angst, onzekerheid en twijfel over de collega’s (concurrenten) zaaien. In relatie tot Microsoft wordt al jaren gesproken over FUD, Fear Uncertainty en Doubt - het zaaien van Angst, Onzekerheid en Twijfel als strategie. Een verkooptechniek die ook door de Nazi’s werd toegepast, zo kon de sociaal/politieke ‘markt’ met het slechte Nazi product worden gedomineerd. De Nazi politiek draaide, net als het verkopen in het algemeen, voor een groot deel om: Veel beloven weinig geven, doet de gek in vreugde leven. Het zaaien van Angst, Onzekerheid en Twijfel. (FUD - Fear, Uncertainty, Doubt)


Het is beter om niet op een partij te stemmen vanwege allerlei beloftes en ook niet om de dingen waarvoor de kiezer bang wordt gemaakt, dat is behoorlijk onbelangrijk. Beter is het om zelf te beoordelen wat er in het verleden is gedaan en welke echte diepere visie er zit achter wat wordt uitgedragen. Bij de verkiezingsbeloftes spelen in Nederland de berekeningen van het CPB een grote rol. Maar de uitkomsten van berekeningen van het Centraal Plan Bureau hebben niets met verkiezingen en stemmen uit te staan, het suggereert daarbij vaak een maakbaarheid die er niet is. Samen constructief over het model praten, levert een concreet onderwerp van gesprek. Het model wordt nu vooral aan het CPB overgelaten, maar dat zou met politiek en vooral de samenleving moeten worden gedeeld. Iedere belangstellende zou met die modellen moeten kunnen werken en er samen over communiceren, daar kan de hele samenleving veel aan hebben. De uitkomsten zijn minder belangrijk dan het debat over het model en de aannames voor de prognoses. Gedebatteer over alleen maar de uitkomsten is luchtfietserij. Het is volkomen onzin om elkaar rond verkiezingstijd even om de oren te slaan met vage uitkomsten van modellen die men niet eens kent. Politieke beloftes op basis van macro modellen zijn gevaarlijk, het gaat steeds over relatief kleine verschillen in de uitkomsten van de berekeningen. De van pers en politiek bekende omgang met de uitkomsten van berekeningen maakt dat ze alleen maar als brandstof voor klein geneuzel dienen. Structureel nadenken en communiceren over die modellen en de uitgangspunten, is daarentegen een goed idee.

Hoge Cultuur

Verbijsterend blijft dat een wat wij beschouwen als hoog ontwikkelde staat achter al dit excessieve geweld zat, ons toen en nu wereldwijd gerespecteerde buurland Duitsland. Dat die ontwikkelde samenleving Adolf Hitler als democratisch gekozen leider op handen is gaan dragen blijft een belangrijk fenomeen. Over het geweld in de mens, en het geloof en de hoop van de mens is nog veel te zeggen. De Nazi Staat, het Derde Rijk, heeft een measure of evil gezet waar nog lang over nagedacht kan en zal worden. Niet dat Jozef Stalin, Mao Zedong, Pol Pot, Idi Amin, etc. als mens veel beter waren dan A.H. of dat hun regimes substantieel anders waren. Maar dat deze ramp plaats kon vinden binnen de Duitse en Europese cultuur, met een humanistische traditie en grote wetenschappers, kunstenaars en filosofen, is een opmerkelijk gegeven. En dat geldt ook voor Italië en Japan. De AS-landen waren en zijn dragers van wat we hoge cultuur noemen. De traditioneel uiterst wrede Chinese Staat die haar gezicht nog wel beter zal laten zien in de komende jaren, opereert ook vanuit een achtergrond van wat we hoge cultuur noemen. Dat roept vele vragen op over de waarde en de essentie van cultuur en beschaving.


Enige losse uitspraken

Als er over HET Nazisme wordt gesproken is dat een te eenvoudige voorstelling van zaken. Want er zijn vele smaken van Nazisme geweest, die onderling strijd hebben gevoerd. En ook in de tijd heeft het Nazisme zich dynamisch ontwikkeld. Toch moeten we tot een vorm van abstractie komen, dus daarom volgen hier ondanks dat, toch wat algemene uitspraken over het Nazisme.


Naar eigen beweren was het nationaal socialisme een ‘Weltanschauung’ met als kern “die Erkentniss und rücksichtslose Anwendung eherner Naturgesetze”. Onder die Naturgesetze werden dan o.a. de Nazi rassenleer en een simplistische karikatuur van Darwin’s theorie gerekend. De rücksichtslose Anwendung daarvan is duidelijk geworden. Het wereldbeeld van de Nazi’s bestrijkt alle interessegebieden van de mens, maar is niet gebaseerd op samenhangend rationeel en kritisch denken. Voor een rommelig bouwwerk van stellingen wordt met alle macht zogenaamde bewijzen gezocht, maar de stellingen mochten niet worden getest. Kritiek wordt niet geduld, het uitwisselen van kennis en ervaring niet gewaardeerd. De complexiteit van het leven werd en wordt door Nazi’s ontkend, men zoekt simpele antwoorden en houdt van een simpele esthetiek. Het fascisme is anti-intellectueel, het biedt geen ruimte voor kritisch denken. Meningen zijn een voortzetting van ingenomen standpunten en worden door goddelijke ingaven en instinct bevestigd. Het is: Denken wat de gids schaft.


Het Duitse fascisme is een fundamentalistische religie, gebaseerd op paranoïde complottheorieën. Vooral over het streven naar wereldoverheersing door het Jodendom. Kern van de Nazi ideologie was een aan de theosofie ontleende rassentheorie, die was ontdaan van de theosofische betekenis. Daarbij gevoegd was een extreem nationalisme, waarbij de natie ook voor een ras staat. Alle Ariërs zouden in één groot Germaans rijk gaan wonen. Het Nazisme draait om: eigen volk eerst en een tweedeling van de samenleving; us and them. De basisgedachte is: Mensen zoals wij zijn beter en anderen moeten ons dienen of verdwijnen.


Het Derde Rijk was een op materiële consumptie gerichte maatschappij. De daden van het regime bestonden vooral uit het maken van daar op gerichte beloftes. Het Derde Rijk draaide op gepland misbruik van daartoe bewust opgebouwd vertrouwen. Het was een jonge beweging. Toen de macht 1933 werd verkregen, waren de meeste leidende Nazi’s achter in de twintig of vooraan in de dertig, Hitler en Göring waren relatief oud met 44 en 40 jaar. Het Derde Rijk was een soort Phantasy wereld. Nieuw elan, met een sterk gevoel dat er iets gebeurde. Een was ook een cultuur van persoonsverheerlijking met onbeschaamde zelfverrijking door de top zoals van Herman Göring met zijn kunstcollectie en Carinhall.


Hitler wilde een vorm van socialisme invoeren op een dictatoriale basis en met een geleide planeconomie. Praktisch gezien was hij eigenlijk een soort communist. Het Nazisme gaf grote voorrang aan de sterken, in tegenstelling tot de gebruikelijke socialistische voorrang voor de zwakken. Dit is een overeenkomst met het kapitalisme.


Nazisme en fascisme zijn fundamenteel gewelddadig. De Nazi Staat gebruikte terreur als instrument en gaf alle ruimte voor het volledig uitleven van sadisme tegenover Untermenschen. Het straffen van groepen voor daden van individuen was normaal, denk aan; Lidice, Putten, etc.


Volgens eigen zeggen hebben de Nazi’s de Shoah zelf als een ramp ervaren, als iets wat door het lot is opgedrongen. Dat is een terugkerend thema, het aanvoeren van eigen inzichten als voldongen feiten waar men slachtoffer van is. Een sluipende schijn-logica die maakt dat grenzen voortdurend op worden geschoven was kenmerkend voor het Nazi gedachtengoed. Nog 18 maanden voor het begin van de Endlösung zeggen Himmler en Heydrich dat beschaafde mensen zoiets niet doen. En toch doen ze het, maar uit zelfverdediging.


De Nazi-cultuur was een doodskultuur, “Sterben für Deutschland” was vanaf de eerste propagandafilm het belangrijkste thema in de Nazi propagandafilms. Jammer genoeg is de verheerlijking van het sterven voor het vaderland geen unieke eigenschap van de Nazi’s.


De Volksgemeinschaft stond centraal in de Nazi opvattingen, een zeer bepaalde op het Führer-principe gebaseerde en door de Nazi’s als ideaal ervaren toestand van eenheid in de samenleving. Het conformeren aan de Volksgemeinschaft werd met alle denkbare middelen nagestreefd en desgewenst met bruut en sadistisch geweld afgedwongen en opgelegd.


Niet alleen de continuïteit van de personen na 1945, maar vooral de continuiteit van het denken via hun leerlingen en de continuïteit van de structuren zijn nu interessant. De Nazi misdadigers zijn nu vrijwel allemaal verdwenen, hun erfgenamen en erfenis niet.


De Moraal: Anständig geblieben

Er bestaat nog wel eens verwarring over de woorden moraal en moreel, dat ‘morele’ het bijvoeglijk naamwoord voor moraal is maakt het niet eenvoudiger. Moraal is via het Franse morale, afgeleid van het Latijnse moralis. Het begrip moraal (of zeden) geeft de handelingen en gedragingen aan die in een maatschappelijke context als correct en wenselijk worden gezien. De Ethiek of moraalwetenschap is een tak van de filosofie die zich bezighoudt met de kritische bezinning over het juiste handelen, het beschouwt de moraal. In algemene zin probeert ethiek de criteria vast te stellen om te kunnen beoordelen of een handeling als goed of fout kan worden gekwalificeerd, en om de motieven en consequenties van deze handeling te kunnen evalueren. Moreel is het woord voor de geestesgesteldheid, geestelijke weerbaarheid, de moed, werkkracht of strijdlust die iemand bezielt of die ontbreekt. Moreel betekent 'zedelijk kracht', 'zedelijke moed', 'zelfvertrouwen' of 'de wil om door te zetten'. (bron: wikipedia nl)


Moraal en ethiek gaan dus over de vraag hoe een mens aan zijn voorstelling van hoe te leven komt, wat de bron is van zijn voorstelling van “hoe het hoort”, van wat “Anständig” en wat rechtvaardig is. Een gezamenlijk beleefde moraal is dat wat het gezamenlijk bestaan en handelen mogelijk maakt en het is dat wat een groep haar doelen laat bereiken. De collectieve opvatting over hoe te leven, de moraal, is de belangrijkste samenbindende factor van een groep mensen.


De Nazi moraal, de moraal van de Volksgemeinschaft, heeft de wereld Auschwitz gebracht. Het Derde Rijk en haar misdaden konden bestaan vanwege de specifieke Nazistische en in Duitsland breed beleefde moraal van de Nazi-Volksgemeinschaft. De ‘völkische’ moraal die door Dietrich Eckart en zijn jeugdige Volksgenossen Alfred Rosenberg, Joseph Goebbels, Hermann Göring, Heinrich Himmler, Adolf Hitler en andere Nazi ‘denkers’ vorm is gegeven, is de motor van het grote Nazi kwaad geweest. En in het eind 2010 verschenen boek “Anständig geblieben” stelt de auteur Raphael Gross, dat de moraal van de Volksgemeinschaft niet is verdwenen in 1945.


De rede van Himmler waaraan Gross met de titel van zijn boek refereert is als bijlage bij dit boek opgenomen. Het 25 punten programma van de NSDAP en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens geven goed aan hoe de NSDAP over een inrichting van de samenleving dacht en hoe daar na het Derde Rijk op is gereageerd door de in de Verenigde Naties verbonden landen.


Moraal is een complex en beladen onderwerp, de vraag “hoe (samen) te leven” wordt sinds oude tijden gesteld en beschreven. Moraal en ethiek behoren tot de kernvraagstukken van de filosofie en elke godsdienst heeft er een visie op. De vraag “hoe (samen) te leven” lijkt extra dringend te zijn geworden door de grote toename van de fysieke en geestelijke mobiliteit vanwege o.a. de komst van het straalvliegtuig, de grote goederenstromen per containervervoer, en de uitwisseling van ideeën via film, televisie en internet. De instroom van goedkope werknemers uit ver weg gelegen culturen die door de technische middelen steeds groter is geworden, maakt dat die vraag aan het begin van de 21’eeuw bij het grote publiek sterk leeft. Het lijkt of er sinds enige tientallen jaren een nieuwe grote volksverhuizing aan de gang is. Ook van het land naar de stad. Wereldwijd wonen er sinds 2009 meer mensen in de stad dan op het platteland, in Nederland is dat sinds 2006 het geval. Het lijkt steeds gewoner voor werkkrachten om naar landen ver buiten het eigen cultuurgebied te gaan, maar Nederland kende eeuwen geleden al een situatie dat een belangrijk deel van de beroepsbevolking buiten het land hun geld verdiende. De gevolgen lijken steeds merkbaarder en acuter te worden, maar het hele völkische gedoe van A.H. c.s. werd ook al gedreven door dezelfde beweging in de wereld en dezelfde angsten daarvoor. Toen waren het de mensen uit Oost-Europa die Oostenrijk binnen kwamen waar A.H. en de Oostenrijkse burgers angst voor hadden. Eigenlijk is er niets nieuws aan de hand, en ook de reacties daarop zijn niet nieuw. Xenofobie (de onredelijke angst voor het vreemde) en xenofilie (de onredelijke genegenheid tot het vreemde) zijn krachten die in alle tijden een rol spelen, in wisselende verhouding. Hoe daar macht uit is gesmeed, is een belangrijk punt bij het beschouwen van de betekenis van het Derde Rijk.


Een schip op het strand is een baken in zee.

De Nazi moraal is alleen al interessant omdat het vrijwel universeel wordt ervaren als een heel duidelijk voorbeeld van hoe het niet moet, met Auschwitz als het symbool van het kwaad bij uitstek. Alhoewel daar in de Arabische wereld nog wel eens een op kortzichtige woede gebaseerd misverstand over bestaat. De Nazi moraal van de Volksgemeinschaft levert als het ware een universeel beleefd negatief referentiepunt, het nulpunt van moraliteit.


Maar wat was er specifiek aan die Nazi moraal? Een belangrijk aspect van de Nazi moraal was de veranderlijkheid. Waar bijvoorbeeld Hitler eerst nog beweerde dat de Nazi’s in tegenstelling tot de communisten nooit vrouwen naar het front zouden sturen, was dat tegen het eind van de oorlog geheel anders. De Nazi moraal was niet homogeen en is nooit duidelijk beschreven. En ook de geschiedkundigen, sociologen, psychologen en anderen die het fenomeen na 1945 hebben proberen te begrijpen, komen tot verschillende inzichten. Toch kan er wel iets over worden gezegd.

De bekende toespraak van Himmler te Poznan heeft een aspect van de Nazi-moraal duidelijk onder woorden gebracht. Een centraal thema in die rede is dat aan de toegesproken SS leden met nadruk wordt voorgehouden dat die ondanks alle geweld en moorden “Anständig geblieben” zijn. Dat hun onder normale omstandigheden verwerpelijke gedrag juist onder de bijzondere omstandigheden dat de Joden de wereld willen veroveren, blijk heeft gegeven van hoge moraliteit. Maar dit is niet specifiek iets voor de Nazi’s, want ook de Nederlanders die uit Indonesië terugkwamen kregen iets dergelijks expliciet en collectief van hun pastoors en dominees te horen. Dat corruptie en liederlijkheid vooral de Nazi norm waren en niet een “Anständig” gedrag, is daarbij een aspect apart. De eigen norm werd in werkelijkheid niet gehandhaafd, maar de verbale vorm ervan werd wel effectief ingezet ter aflaat. En dat heeft voor de meeste Nazi’s tot aan hun dood gefunctioneerd.


Centraal staat dat het Nazisme een anti-universele, op uitsluiting en op eer en wraak gerichte moraal was. Het “völkische” karakter was het meest eigen aspect van de Nazi moraal en de Nazi-Volksgemeinschaft. De belachelijke verzonnen geschiedenis en het kaartenhuis van pseudo-wetenschap die de rassentheorie moesten onderbouwen, geven een blik op de bijzondere aard van de Volksgemeinschaft. In die moraal stond de eer van het volk, van het bloed en het land voorop. Een eer die met geweld moest worden verdedigd en waarvan (vermeende) schending met wraak diende te worden beantwoord. De Volksgemeinschaft bestond op basis van particularisme, het puur op het eigen belang gericht zijn. Het “eigen volk eerst” idee is niet in Vlaanderen uitgevonden. De uitsluiting van de niet “rein-rassische” was een centrale waarde in deze moraal. In de nieuwe generaties autoritair denkenden blijven eer en wraak de centrale thema’s van de moraal. Het zogenaamd op correcte wijze verdedigen van de eer van de reeds overleden Nazi’s is iets wat best veel voor komt, ook bij hen die zich juist met nadruk geen neo-Nazi noemen.


De nadruk op eer lijkt overigens te berusten op een misverstand, waarbij eer voor reputatie en respect wordt aangezien. Maar eer is wat iemand over zichzelf denkt, respect is wat anderen voor iemand voelen, reputatie is hoe anderen over iemand denken en spreken. Reputatie kan niet met geweld worden verdedigd, eer is direct met geweld verbonden. Het verdedigen van reputatie is een lange termijn belang, het verdedigen van eer is een korte termijn oplossing. Het komt aannemelijk voor dat een niet-universeel denkende en voelende mens er meer belang aan hecht hoe hij/zij over zichzelf denkt, dan hoe anderen dat doen.

In deze tekst komt meermalen naar voren hoe er na de oorlog met daders en de erfenis van het Derde Rijk is omgegaan. Dit wijst duidelijk op een voortbestaan van de moraal. Want de Duitse publieke opinie en overheidsinstellingen hebben na de oorlog hun houding duidelijk bepaald op basis van het begrip dat bestond voor de achtergronden van de misdaden, voor de culturele context. Met een succesvol beroep op motieven als “Befehl ist befehl” en “Ich wollte nur etwas für mein Land leisten“ wordt de continuïteit van het denken bij daders en de mensen die clementie verlenen duidelijk.


De morele verplichting tot het voeren van oorlog

Met een duidelijke verwijzing naar, en beroep op, een moraliteit als reden voor de militaire inmenging in Afghanistan, is deelname aan die oorlog door de Tweede Kamer goedgekeurd. Zelfs Groen-Links, als fusie partij van o.a. pacifisten, heeft steun verleend aan een oorlog en bezetting met een beroep op moraliteit. Het kan raar lopen, want dat soort drog-redenaties zijn nu juist ook een kenmerk van het Nazisme. Onder het mom van een in de grondwet aangenomen verplichting om de internationale rechtsorde te handhaven, helpt Nederland om in Afghanistan een corrupt regime dat de Westerse belangen dient in het zadel te houden. De Nazi’s beriepen zich er ook op dat ze tegen terroristen streden. De mensen die wij nu de verzetshelden van WO-II noemen, heetten toen het er toe deed ook in de Nederlandse pers terroristen. De Nazi’s beriepen zich ook bij elke stap op de moraal. Moraal is en blijft een lastig onderwerp.


De huidige betekenis van de Nazi Moraal

Auschwitz (met het poortopschrift “Arbeit macht Frei”) en het Nazi gebruik van het motto Jedem das Seine staan symbool voor de hel op aarde, het dieptepunt van moraliteit. Deze tastbare, kenbare hel, maakt dat er geen fantasie nodig is om een negatief referentiepunt op een schaal voor moraliteit te benoemen. De hel, het inferno, hoeft niet te worden verzonnen. Alles wijst er op dat het de daders zelf ook maar al te goed bekend was, dat er in plaatsen zoals Auschwitz grote misdaden werden gepleegd. Nu dit inferno, deze hel, zo tastbaar en breed bekend heeft bestaan, zou er geen fantasie over een hel na het sterven nodig moeten zijn, om de mens aan te zetten tot het nadenken over moraliteit en gedrag. Misschien dat de mens in de middeleeuwen alleen tot enige reflectie kon worden gebracht onder de dreiging van hel en verdoemenis na het leven, de ervaringswereld was beperkt. Maar wij kunnen weten dat het eenvoudig is om medeplichtig te worden aan grote misdaden als we niet nadenken. Wij kunnen uit directe aanschouwing weten dat een falende publieke moraal nog tijdens dit leven tot grote schade kan leiden. Daar is geen fantasie voor nodig. Auschwitz en de tastbaarheid van het op al dat soort plaatsen begane kwaad, heeft de voorstelling van een eeuwig voortleven in een Hel, het geestesbeeld van een Inferno, overbodig gemaakt. Auschwitz heeft ons mensen voorbij het Inferno gebracht.

Optimisme

Moraliteit blijkt zo kneedbaar, dat zelfs de erfgenamen van het pacifisme in Nederland, er achter staan dat er bewapende krachten uitgezonden worden. Dat lijkt heel verwerpelijk, maar toch is dat juist reden voor optimisme. Want dit maakt duidelijk dat moraal maakbaar is. In twaalf jaar heeft het Nazi regime met stevig en bewust ingrijpen, de Duitse moraal zo veranderd dat dit nu nog in belangrijke mate doorwerkt. Hier ligt dus voor iedereen een opdracht en mogelijkheid...

Rationaliteit en de Gouden Regel

Om iets tegenover de Nazi moraal te stellen het volgende. Thales van Milethe (ca. 624 v.Chr. - 545 v.Chr.) wordt vaak de eerste westerse filosoof genoemd. Hij borduurde voort op kennis en opvattingen uit Klein-Azië en het Oude Egypte en introduceerde in het Westen twee uitgangspunten die van essentieel belang zijn voor het navolgbaar denken: 1 - Conclusies omtrent het universum mag men louter en alleen baseren op het universum zelf (dus niet op goden). 2 - Opvattingen moeten gestaafd worden aan de hand van argumenten. Deze twee uitgangspunten gelden onverminderd voor vraagstukken aangaande de moraal, er dient ook navolgbaar te worden gedacht aangaande vragen hoe te leven, hoe samen te leven. Een optimale moraal bestaat er eenvoudig uit dat elk bewust wezen zich optimaal kan ontplooien dankzij die moraal. Moraal dient het welbevinden van bewuste wezens, “the well-being of sentient beings”, verder niets. Het collectieve belang gaat daarbij niet boven het individuele belang, maar het individuele ook niet boven het collectieve. Dat vereist een rationele verhouding met de moraal.

De zogenoemde Gouden Regel in de ethiek/moraliteit is: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”. Dit is als leefregel gevestigd in de antieke Grieke cultuur door de filosofen Pittakos van Mytilene (circa 640 v.Chr. - 568 v.Chr.) en Thales van Milete (ca. 624 v.Chr. - 545 v.Chr.), in China door Confucius (551–479 v.Chr.), in het jodendom in Leviticus 19:18, en het Christendom in Mattheus 7:12 en Lukas 6:31. De grenzen aan het geaccepteerde gedrag lijken in alle tijden en bij alle groepen op de grote lijnen gelijk te zijn. Je mag niet moorden, verwonden, stelen, liegen, mensen dwingen onredelijk tegen hun belang te handelen en zo nog een paar zaken. De meeste morele beslissingen die de mens dagelijks maakt, worden op basis van op deze regels gebaseerde intuïties en emoties gemaakt. Niet meer dan dat, en toch voldoet die “common sense” in hoge mate om samen te kunnen leven. De Gouden Regel blijkt voor velen eenvoudig na te voelen. Dat doet vermoeden dat het formuleren van een universele moraal niet onmogelijk is. En toch blijken er in de praktijk nogal wat problemen voor te komen bij het op één territorium samen leven van groepen mensen met verschillende collectieve-groepsopvattingen. Daarbij valt op dat de veronderstelde reden om naar de heersende moraal te leven het grote verschil lijkt te maken. Dat lijkt meer verschillen te vertonen dan de essentie van de leefregels zelf. Vooral het verschil in het veronderstelde motief en de in het vooruitzicht gestelde beloning om ‘moreel’ gedrag te vertonen en de daar uit volgende wijze waarop anderen worden aangesproken op hun gedrag, lijkt bij het samenleven aanleiding tot problemen te geven.

De essentie van een moraal lijkt dat het moet berusten op een voor iedereen bevattelijk en in zeker zin dwingend motief. Het moet uitgaan van iets wat het individu er autonoom toe brengt om zich aan de moraal te houden, nog voor er sancties nodig zijn. Het is daarmee ook datgene wat doet vertrouwen dat de andere individuen hun verplichtingen aan de groep zullen nakomen, zich naar de moraal zullen gedragen. Iedereen moet kunnen begrijpen waarom het goed kan zijn om naar de moraal te leven, waarom een eigen voordeel op te geven ter wille van het geheel, en waarom het niet goed is zich een oneigenlijk voordeel toe te eigenen. Daarbij moet helder zijn wat de collectieve opvatting is over de in de praktijk te hanteren grenzen, de wet. Daarbij lijkt het er op dat de richting en kwaliteit van een moraal in hoge mate bepaald worden door het motief en niet de geformaliseerde regels of wetten.

Bronnen:

  • Anständig geblieben, Raphael Gross, 2010, S. Fischer Verlag
  • Volksgemeinschaft, Neue Forschungen zur Gesellschaft des Nationalsozialismus. Hrsgb Frank Bajohr, Michael Wildt, S. Fischer Verlag, Frankfurt am Main, 2009, ISBN 978-3-596-18354-8
  • Volksgemeinschaft“: Mythos der NS-Propaganda, wirkungsmächtige soziale Verheißung oder soziale Realität im „Dritten Reich“? Zwischenbilanz zu einer kontroversen Debatte
  • http://hsozkult.geschichte.hu-berlin.de/tagungsberichte/id=2805



Zie verder: Afsluitende opmerkingen over het Derde Rijk, DAP-NSDAP, De Moraal - Anständig geblieben, Het 25 punten programma van de NSDAP, Het Nationaal Socialisme, Hitlers theologie, Holocaust en Shoah, KDF - Kraft durch Freude, Montségur, Nazi Weltanschauung en de Ideologen, Occultisme, Oorsprong van Duitsland en het Nationaal-Socialisme, Opvoeding en onderwijs, Otto Rahn, Swastika logo, Tijdlijn van de Nazi pre-historie, Toespraak van Himmler op 4 Oktober 1943 in Poznan, Wolfram von Sievers, Literatuurlijst, Voorbij het Inferno